Het paternalisme rond het boerkaverbod. (© Marc Vercoutere 29/8/2019)
Met het Nederlandse verbod op het dragen van een Boerka is het thema weer eens hyper actueel.
Zowel op linkse, rechtse of “wat er tussen hoort” media schieten de meningen elkaar af. Zonder dieper na te denken over de betekenis, de draagwijdte of de gevolgen van zowel een verbod als van het “tegen een verbod”. Inhoudelijk wordt niet gecommuniceerd. Een vuurwerk van voorgekauwde clichés daarentegen zijn in opbod.
In de eerste plaats is er de vrijheid van expressie. Geen enkel argument kan een verbod op het dragen van een Boerka op dit vlak ten volle verdedigen. Net zo bij de voorstanders van een boerka, die met halve rechtstermen het verbod proberen onderuit te halen.
Heeft een vrouw het recht een boerka te dragen?
Ja, wanneer zij wil, uit overtuiging dat ze enkel zo haar geloof kan belijden, dan heeft zij het recht een boerka te dragen. Onvoorwaardelijk. Uit vrije wil.
Heeft een vrouw het recht in het openbaar een Boerka te dragen?
Daar liggen de zaken iets moeilijker. Er zijn maatschappelijke regels (ook wel wetten genoemd) die bepalen dat in onze cultuur het aangezicht herkenbaar en zichtbaar moet zijn. Op zich niets op tegen. Elke samenleving heeft het recht om op democratische wijze afspraken te maken om het samenleven zo gezellig mogelijk te maken.
Het grote probleem rond de boerkadiscussie ligt eigenlijk bij de helft van de wereldbevolking. Namelijk de mannen die nog steeds menen te moeten bepalen hoe een vrouw zich dient te gedragen. Enkele bedenkingen om mogelijks de boerkadiscussie een andere richting te geven.
Één: het boerkaverbod verhult de falende strijd tegen het mannelijk religieus fanatisme dat in zowat elke religie diep zit ingebakken. Verschillende religieuze “sektes” (lees fundamentalistische strekkingen) van zowat elke religie bepalen nog steeds hoe een vrouw er gekleed moet bijlopen. Dit fenomeen doet zich zowel voor bij de Islam als bij de vele fundamentalistisch christelijke bewegingen, de joodse traditionele groepen, en andere fanatiek religieuze horden.
Twee: het boerkaverbod is slechts één “verwaarloosbaar?” element uit een fractie(s) van een religie. Die fractie heeft wel andere ideeën die heel wat schadelijker zijn voor onze samenleving, dan een in doeken gehulde vrouw. Het onvermogen om deze fractie(s) aan te pakken leidt voortdurend tot meer dan idiote verboden die slechts tot doel hebben één of andere politieke achterban van eigen bodem te sussen. Ondertussen boeren de achterliggende ideologieën ongehinderd voort.
Drie: laat het aan de vrouwen over om te beslissen of het al dan niet dragen van een boerka wenselijk is. Democratisch en door alle intermenselijke lijnen van onze samenleving heen. De vrouwelijke helft van de wereldbevolking is heus wel wijs genoeg om zelf te beslissen. Maak daarom een verbod op paternalisme, zowel in politiek als religie. Dit zou een strijdpunt moeten zijn. Niet de eenzame in doeken gehulde vrouw die rondwaart in onze steden.
Vier: hoog tijd om de mannen in onze westerse samenleving her op te voeden. De mannen van zowat elke religie of politieke gezindte. Eén van de basiswaarden van de samenleving en van de universele rechten van de mens is gelijkheid man en vrouw. Is dit nu net één van de waarden die in elke cultuur, religie, politieke strekking, gemeenschap, dorp of stad wordt overtreden. Als een gewoonte. Een overtreding als normaliteit. Paternalisme is er zo hard ingebakken alsof het (misschien is het wel) een restant is, dat ontsnapt is aan onze menselijke evolutie.