In Citta , het stadsmagazine van de Gazet van Antwerpen*, stond dit weekend een boeiend artikel: “Wonen op wielen met uitzicht op de schelde. A million dollar view, gratis en voor niets”.
Nu is wonen op wielen een in Vlaanderen zowel erkende woonvorm als ook een levenswijze met een meer dan duizend jarige geschiedenis. Doorheen de eeuwen hebben we de Zigeuners gekend, die vanuit het verre Indië zich verspreiden naar het westen. Andere groepen volgden. De enen uit armoede op zoek naar betere levensomstandigheden (bv. Travellers uit Ierland, voyageurs, …), anderen dan weer uit beroepsoverwegingen (voyageurs, marktkramers, circuslieden, …). De bewoners op wielen waarover sprake in het artikel kozen voor een leven in vrijheid, avonturisme, ongebondenheid, etc.
Enkel citaten:
– “Een gevoel van vrijheid aan de rand van de stad”.
– “Elke dag opnieuw kunnen kiezen waar ze die dag gaan wonen”.
– “Een bevrijding, geen stress, geen sleur”.
– “Het gevoel van vrijheid, je gaat en staat waar je wil, je gewoon laten leiden door je gevoel”.
Dit zijn slechts enkele uitspraken die wonderwel passen bij elke vorm van wonen op wielen en dus ook van toepassing zijn op de eeuwenlange traditie van de woonwagenbewoners. Daarom is de volgende zin bijzonder storend: “Nee, het zijn geen zigeuners, geen anarchisten, geen daklozen, geen randgevallen.” Merkwaardig, want hun levenswijze wijkt weinig af van het leven van de woonwagenbewoners. En tegelijk worden woonwagenbewoners op één hoop gegooid met daklozen en randgevallen (wat dit laatste ook mag zijn?).
Waar zit dan het verschil?
In de inleiding van het boek “Hongaarse zigeuners. Verhalen van overlevers.”** merkt professor-emeritus Zsuzsa Ferge (Boedapest) op dat de omschrijving van het begrip zigeuner moeilijk ligt. Net als de identificatie. Veel zigeuners die het in enige mate gemaakt hebben in het leven benoemen zichzelf niet meer als zodanig (opportuniteit? Zelfbescherming? …) of worden niet meer als zigeuner beschouwd door de rest van de samenleving. Ook in het artikel van Citta is het blijkbaar moeilijk om deze bewoners van campers e.d. te plaatsen onder de noemer van woonwagenbewoners. En dat is toch wat ze zijn. Al dan niet van tijdelijke aard. Dat zal de toekomst uitwijzen.
Het is een wettelijk aanvaarde manier van leven. Een keuze die alle respect verdient. Vrijheid is ook de vrijheid hebben om te kiezen hoe en waar men wil leven. Toch enkele bedenkingen.
Blijkbaar is er geen probleem om standplaatsen te vinden. In Antwerpen wordt dit gedoogd. Op parkeerruimtes aan de Scheldekaaien, aan het Noordkasteel, het Kattendijkdok, de Droogdokkenweg, e.a. Een gezond principe. Er wordt al genoeg gejaagd op mensen die niet voldoen aan de principes der gewoonte.
De hamvraag is echter: mochten er morgen enkele Rom families zich vestigen op de Scheldekaaien. Hoeveel uur zou het duren vooraleer de politie ter plaatse is om al dan niet stante pede te ontruimen. Woonwagenbewoners, die willen trekken (hun goed recht dus, gezien de erkenning als woonvorm), zijn gedoemd zich op te houden op doortrekkersterreinen. Deze terreinen zijn meestal niet gelegen op de meest idyllische plaatsen maar op gronden, ver van de stedelijke bewoning. In sommige gevallen op oude vervuilde industrieterreinen, op oude dichtgemaakte vuilnisbelten, halverwege tussen de petrochemische industrie, e.d. In Antwerpen bijvoorbeeld: D’ Herbouvillekaai. Het uitzicht daar is een “one dollar view”, met uitzicht op een overjaarse kasseiweg waar de vrachtwagens uit de haven overheen donderen, de geuren van de petrochemie meermaals de lucht verpesten en verder geen kat woont. Waar woonwagenbewoners drie weken kunnen blijven staan mits betaling, voorzien zijn van beperkt sanitair en halve dag douches. Waar zelfs een camping zijn vergunning zou voor verliezen of althans zijn klanten, dat alles is daar aanwezig. Blijkbaar is D’ Herbouvillekaai ook bekend bij de bewoners op wielen uit het artikel in Citta. Vooral omdat ze daar hun toilet kunnen gaan reinigen (zie artikel).
Desondanks zijn de meeste woonwagenbewoners tevreden met die terreinen. Een andere keuze is er niet, en er zijn er al zo weinig. Parkeren met uitzicht op de schelde of een of ander kasteel is er voor hen niet bij.
Een andere opkomende vraag. Woonwagenbewoners zijn ondanks hun trekkend bestaan onderworpen aan een aantal belangrijke administratieve verplichtingen. Een adres bijvoorbeeld. Een referentieadres. En dat gaat ook niet altijd van een leien dakje. In de Foyer in Brussel of De 8 in Antwerpen*** zijn er wachtlijsten. De vraag overtijgt het aanbod gezien deze diensten ook een of andere vorm van dienstverlening vooropstellen. Wie aan geen referentie adres geraakt verliest heel wat rechten. Dit betekent ambtelijke schrapping, met alle gevolgen van dien. Onder meer het verlies van kinderbijslag, problemen om een autoverzekering te nemen, een bankrekening te openen en zo meer. Voor alle volledigheid, deze diensten doen vaak meer dan ze zelf aankunnen. In noodgevallen krijgen sommige trekkende gezinnen alsnog een referentie adres.
Een simpele vraag dan ook: “In welke mate zijn deze nieuwe bewoners op wielen aan dezelfde eisen onderworpen?
Voor alle duidelijkheid: dit is geen discussie voor of tegen. Maar de opening naar een vraag tot gelijke behandeling. Kan ik morgen mijn vrienden woonwagenbewoners (Rom, voyageurs, Manuchen, e.a.) adviseren een zonnepaneel te kopen en zich te vestigen op de Scheldekaaien. Of op andere gratis locaties. Want doortrekkersterreinen zijn niet gratis (al kan niet iedere woonwagenbewoner zijn standgeld betalen). Tegelijk is het een dringende oproep aan steden en gemeenten om menswaardige gronden ter beschikking te stellen, op leuke terreinen voor de vele woonwagenbewoners en hun kinderen. Meteen ook een oproep om aan het erkenningsrecht van deze woonvorm de faciliteiten te koppelen die nodig zijn zodat deze mensen menswaardig kunnen leven.
(23 juni 2015)
*DEWART, Geraldine, Wonen op wielen. A million dollar view gratis en voor niets. In: Citta, stadsmagazine bij de Gazet van Antwerpen, nr. 135, 20 juni 2015, pp. 30-35.
**RONA, Jutka, Hongaarse zigeuners.Verhalen van overlevers. Amsterdam, Bas Lubberhuizen, 2010, 126 p.
***De 8 is sinds 1 januari 2015 een deelwerking van de VZW integratie en inburgering Antwerpen. http://www.de8.be/
De Foyer werkt in Brussel onder meer rond integratie. http://www.foyer.be/